Er is een moment in veel trajecten dat aanvoelt als een doorbraak, iets valt op zijn plek.
De cliënt zegt: nu snap ik het. En je ziet aan zijn gezicht dat het klopt.
Wat er daarna gebeurt, bepaalt of dat moment iets verandert of alleen een mooie herinnering wordt.
Dat deel wordt zelden besproken, terwijl het het meeste werk vraagt.
De week erna
De eerste dagen na een intensieve sessie zijn vaak licht.
Mensen slapen beter, voelen ruimte, denken dat ze er zijn.
Dat is geen illusie, maar het is ook nog geen verandering. Wat ze voelen is vooral de opluchting van iets wat eindelijk benoemd is.
Rond dag vier tot tien komt bij veel mensen de terugslag.
Twijfel, vermoeidheid, soms de gedachte dat het toch niet echt was.
Wie daar niet op is voorbereid, concludeert dat het niet gewerkt heeft en stopt precies op het moment dat het interessant wordt.
Daarom hoort die informatie vooraf gegeven te worden.
Niet als disclaimer, maar als onderdeel van het proces, wie weet dat de dip erbij hoort, schrikt er niet van.
Waarom inzicht alleen niet houdt
Een inzicht landt in eerste instantie in je hoofd.
Je gedrag, je reacties en je lijf hebben er nog geen ervaring mee.
Ze doen wat ze al jaren doen, want dat is efficiënt.
Integratie is het proces waarin dat inzicht verhuist van weten naar doen, dat gebeurt niet door erover na te denken.
Het gebeurt door de situaties in te gaan waarin het oude patroon normaal actief werd, en te merken dat er nu iets anders mogelijk is.
Dat vraagt herhaling en het vraagt tijd. Zes tot acht weken is geen uitzondering.
In die periode is er weinig spectaculairs te zien, en juist daarom haken mensen af.
Wat helpt in die periode
- Iets kleins concreet maken. Niet: ik ga beter mijn grenzen aangeven. Wel: bij die ene collega ga ik deze week één keer nee zeggen.
- Opschrijven wat je merkt, ook als het weinig is. Verandering is achteraf beter zichtbaar dan op het moment zelf.
- Terugval niet uitleggen als bewijs dat het niet werkte. Een patroon dat twintig jaar meeging, verdwijnt niet in tien dagen.
- Eén vervolgafspraak plannen, ongeveer drie weken later. Niet om het opnieuw te bespreken, maar om te kijken wat er in het dagelijks leven is verschoven.
Voor wie met cliënten werkt
Er zit een valkuil in dit vak die zelden hardop wordt benoemd.
De sessie waarin de doorbraak plaatsvindt, is voor de begeleider het meest bevredigend. Daar zit de intensiteit, daar zie je het gebeuren.
Het is verleidelijk om die momenten te blijven zoeken. Om de volgende laag aan te boren voordat de vorige geland is.
Dat voelt voor beide partijen als vooruitgang, maar het levert cliënten op die een indrukwekkende reeks inzichten hebben en een leven dat er hetzelfde uitziet.
Een deel van het vak bestaat uit niets doen op het juiste moment, ruimte laten.
Vragen hoe het gaat in plaats van de volgende deur openen.
Tot slot
Wat je hebt gevonden is niet het resultaat. Het is het materiaal waarmee je aan de slag gaat.
Het werk zit in de weken erna, in de gewone situaties waarin niemand meekijkt.
In aflevering 4 van Tussen Ziel en Praktijk staan we hier uitgebreid bij stil. Luister mee via Spotify
Lees ook Als een deel van jezelf ergens is achtergebleven, een andere aflevering uit dezelfde podcastserie.
Wil je je hierin verder bekwamen? Bekijk het opleidingsaanbod van Nieuwetijds Opleidingen.


